13 september 2023 – door Floor van Nimmerdor

Vorige week dinsdag had ik ze te pakken; mijn eerste paar rollende ogen van het schooljaar. Ik sta niet zo vaak meer in de begeleiding, maar af en toe gebeurt het toch dat dat even goed uitkomt. In die tijd dat je geen leerlingen begeleidt vergeet je gemakkelijk hoe het voelt om die rollende ogen tegenover je goedbedoelde opmerkingen te krijgen. Die rollende ogen kunnen overigens van alles betekenen: ‘houd toch je mond’, ‘ik weet zelf echt wel hoe dit werkt’, ‘wat weet jij er nou van’, ‘voor mij werkt dat niet zo’ enz.

Deze rollende ogen had ik echt wel verdiend met mijn overijverige aftrap van de begeleiding nadat kinderen rustig in hun nieuwe schooljaar rolden. Leerlingen lastig vallen met vragen als: ‘Hoe ging het vorig jaar?’, ‘Wat zou je dit jaar anders willen doen?’, ‘Welke vakken gingen goed en minder goed?’, ‘Waarom heb je dit profiel gekozen?’. Toen het antwoord op die laatste vraag (die ik overigens als een van de eerste stelde), was ‘omdat ik geen ander profiel kon kiezen met mijn cijfers’, had ik moeten weten dat ik het voor dat moment daarbij had moeten laten.

Er zat duidelijk geen vrolijke leerling met motivatie voor mijn neus. Niet haar schuld, het systeem dwingt haar in een richting waar ze helemaal niet op wil gaan. Maar met mijn jeugdige overmoed (ik word morgen 40, dus dit is mijn laatste kans om dit te schrijven), ging ik haar toch vertellen hoe ze dan het beste haar economie kon aanpakken en ook nog eens vertellen dat datgene wat haar docent aanraadde, namelijk ‘highlighten’, niet zo’n goed idee was. Ik had het over actieve verwerking, in eigen woorden zetten, vragen stellen en beantwoorden enz enz. Ik wees haar hoe haar boek was ingedeeld en wat ze kon doen met de leerdoelen en begrippen die achterin het hoofdstuk benoemd worden.

Het toeval wil dat ik als onderwijskundige al 16 jaar in de praktijk bezig ben met leren, studeren en studievaardigheden. We hebben net de ontwikkeling van een projectmodule studievaardigheden af voor een middelbare school. Dus ik weet dat highlighten nogal veel nadelen heeft, waardoor highlighten zelfs minder effectief is dan de stof herlezen. Wat ik net zo goed weet is dat alle andere strategieën die ik op dat moment aan het aanprijzen was, beduidend meer tijd en moeite kosten. Laat dat nou net niet zijn waar een adolescent op zit te wachten als ze, terwijl het buiten echt zwemweer is, binnen haar huiswerk zit te maken, waar ze zo snel mogelijk vanaf wil zijn om toch nog een vakantiemomentje te ervaren. Teleurgesteld en als een echte volwassene wanhopend aan de jeugd van tegenwoordig, ging ik die avond naar huis. Ook mijn collega kwam later die week niet echt verder toen hij hierop aan wilde haken.

Fast forward naar een week later…. Op een gegeven moment is deze leerling bezig met het leren van Frans. Op haar tablet. Iets waarvan ik weet dat ze daar een week geleden ook mee bezig was. Iets waarvan ze aangeeft dat ze er in de tussentijd ook al vaker mee bezig is geweest. Ik zie haar ogen glazig worden. Ze bijt op haar duim, kijkt om zich heen, gaapt… Dus zeg ik: ‘Neem even pauze, dan overhoor ik je daarna wel even, dan weet je precies wat je wel en niet kent.’.  Waarop mijn leerling zegt: ‘Nou… dan ga je me echt keihard uitlachen hoor’. Nu is het niet mijn gewoonte om mijn leerlingen uit te lachen. Op mijn vraag of ze denkt dat ze het eigenlijk niet kent geeft ze aan, net zoals ze over zoveel vakken van zichzelf denkt: ‘Ja, maar ik ben eigenlijk ook helemaal niet zo goed in het leren van Frans’. Ik stel haar voor toch even te pauzeren en dan na de pauze samen eens te kijken of een andere manier van leren haar helpt om die woordjes sneller en beter te onthouden.

Na een gezellige pauze waarin blijkt dat ze een kei is in het spelletje ‘Snelle geesten’, gaan we samen aan de slag met haar Frans. Ik laat haar zien hoe ze rijtjes in blokjes kan verdelen, hoe ze kan herhalen, hoe ze blokjes kan combineren en leer zo samen met haar het eerste rijtje. In 10 – 15 minuten zijn we erdoorheen. Vervolgens zet ik haar zelfstandig aan het volgende rijtje. Mijn leerling verbaast zichzelf dat rijtje in een mum van tijd te kennen. Ze schrijft braaf dat ene woordje dat nog niet wilde blijven plakken op een apart blaadje op, waarna ik haar overhoor. Wat blijkt? Ook dat woordje op het blaadje zit nu in haar hoofd en dit allemaal in een fractie van de tijd die ze al in het leren heeft gestoken. Ze is verwonderd, blij en denkt nu: ‘maar wacht eens even… misschien kan ik dit dan toch wel?!’

Ik heb haar rustig de tijd gegeven haar Frans te doen en spreek daarna met haar af dat ze nog 20 minuutjes besteedt aan haar economie. Zodat we daar ook samen even nog naar kunnen kijken. Op dit moment staat ze wel open voor een andere aanpak. Ook nu laat ik haar weer zien wat ik precies bedoel. Dat stukje van ‘samen’ helpt haar begrijpen wat ik nu precies met mijn woorden bedoel en laat haar ervaren wat het oplevert. Ik kom nu wel over. Ik leg uit dat het leren van een toets niet een dag van tevoren begint of dat het niet heel wat is als je een week vantevoren begint. Je toets voorbereiden begint namelijk bij het goed aanpakken en doen van je huiswerk. Dat is het moment dat je de stof verwerkt en als je daar wat meer tijd in stopt en actief verwerkt, heb je meteen een heleboel klaarliggen voor die laatste puntjes op de i voor de toets.

Nu begrijpen we elkaar. Geen rollende ogen meer. Alleen een leerling die zegt: ‘Dankjewel. Ik heb zoveel geleerd deze middag!’. Een leerling ook met net dat kleine beetje meer zelfvertrouwen omdat ze een deuk heeft kunnen maken in haar beeld ‘dat ze toch niet goed is in dat vak… en dat vak…. En dat vak…’, maar dat een andere aanpak misschien wel echt verschil kan maken en haar de ruimte geeft om te geloven dat ze het ‘nog niet’ kan, maar wel kan leren.